|
|
Tewerkstellingsvergunningen in de topsport
Een Cubaanse bokscoach, Pakistaanse hockeyers, een Zuid-Koreaanse Taekwondo bondscoach en specialistische ondersteuning uit Amerika en Australië voor Wakeboarders bij het waxen van hun board. Dit zijn slechts enkele voorbeelden die Eric Lankers, beleidsadviseur Juridische Zaken bij de Werkgeversorganisatie in de Sport (WOS), geeft van sporters en coaches die uit het buitenland komen ten dienste van de Nederlandse topsport.
“Kijken we naar het hoogste niveau van de nationale voetbal, hockey en basketbalcompetities dan zien we een behoorlijk aantal sporters van buiten de EER in dienst van Nederlandse clubs. Ook de sportbonden werken regelmatig met coaches uit het buitenland. Toch is het lastig om deze coaches en sporters naar Nederland te halen, zeker voor kleine bonden en clubs. Want wie de weg niet kent, loopt het risico te verdwalen.” Eric Lankers, specialist op het gebied van migratieregelgeving in de sport, vertelt ons hier meer over.
De WOS
De leden van de WOS zijn de sportbonden in Nederland, NOC*NSF en andere landelijke sportorganisaties. De WOS ondersteunt haar leden op het brede terrein van werkgeverschap, waaronder het doen van tewerkstellingsvergunning aanvragen. Vaak ondersteunen zij ook de leden van de leden, de sportverenigingen zelf. “Onze kerntaak was van oudsher het met de vakorganisaties afsluiten van de CAO-Sport voor onze leden. Ondertussen heeft de WOS meer speerpunten. Eén daarvan is het thema migratie, ingegeven door de groeiende vraag bij onze leden naar begeleiding rondom het aanvragen van tewerkstellings- en verblijfsvergunningen voor sporters en coaches van buiten de EER”, vertelt Lankers.
Een grote impuls daarvan noemt Lankers de verdergaande professionalisering van de sportsector en de ambitie van de overheid en NOC*NSF om Nederland in alle sporten te laten horen bij de internationale top 10 landenklassering. “Dit betekent dat we voor bepaalde sporten ook kennis uit het buitenland moeten halen om het niveau in Nederland omhoog te stuwen. Een voorbeeld daarvan is de tewerkstellingsaanvraag voor een Canadese curlingbondscoach, omdat er in Nederland geen curlingcoaches te vinden zijn”.
Bevriende advocaat
“Sportbonden en clubs denken mondiaal. Zij zien een geweldige schaakcoach in Rusland, een basketballer in Amerika, of een sublieme hockeyer in Pakistan. Die kan hen aan de overwinning helpen, dus willen ze die talenten aantrekken. En niet volgend jaar pas, maar zo snel mogelijk. Voor écht talent zijn immers altijd kapers op de kust.”
De grotere sportbonden zijn over het algemeen goed georganiseerd en weten hoe de regelgeving omtrent (arbeids)migratie werkt, voor de kleinere sportbonden en sportverenigingen is dit echter vaak een probleem.
“Niet zelden regelt dan een bevriende advocaat voor de sportvereniging een tewerkstellingsvergunning of neemt een lid van de vereniging de taak op zich. Dit gebeurt – met uitzondering van betaalde voetbalclubs - vaak amateuristisch. De sportbonden en sportverenigingen zijn nu bezig een slag te maken naar professionalisering en kunnen bij de WOS terecht voor ondersteuning en advies.”
Twee procedures
Lankers legt uit dat er twee routes zijn voor sportbonden en verenigingen als ze iemand van buiten de EER in dienst willen nemen. Dit kan via de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) en het UWV WERKbedrijf. De IND werkt met salariscriteria. Gaat een sporter of coach van onder de 30 jaar meer dan € 34.881,00 verdienen en van 30-plus meer dan € 47.565,00 dan is er geen probleem voor het aanvragen van een verblijfsvergunning als kennismigrant.
Deze criteria zijn voor veel sporten echter onhaalbaar. Om deze reden moeten de meeste sporten een tewerkstellingsvergunning via het UWV WERKbedrijf regelen. In de Wet arbeid vreemdelingen (Wav) is specifiek beleid opgenomen voor de sportsector. Zo hoeven sportbonden en verenigingen geen vacaturemelding te doen. Maar zij moeten wel aantonen dat ze wervingsinspanningen hebben verricht om te onderzoeken of er in Nederland en/of Europa geschikte personen zijn die de functie kunnen vervullen. Dit strookt niet helemaal met de sport, aangezien er vaak snel moet worden geschakeld wil een vereniging bijvoorbeeld net die éne topcoach aantrekken die beschikbaar is.
Tips
Lankers wijst ons op de Migratiewijzer op www.w-o-s.nl. De Migratiewijzer is een met AWVN (Algemene Werkgeversvereniging Nederland) ontwikkeld instrument dat sportbonden en sportverenigingen wegwijs maakt in de regels en bepalingen van de immigratiewetgeving. Welke vergunningen heeft een buitenlandse sporter of coach nodig en hoe komt men aan de benodigde papieren? De Migratiewijzer stipt bovendien de risico’s aan waartegen sportbonden en clubs lopen als niet alles goed geregeld is rond een sporter of coach van buiten de EER. Wie een coach of sporter zonder de juiste papieren aan het werk zet, kan een boete van 8.000 euro tegemoet zien. En dat past niet in een professioneel topsportklimaat.
Het ministerie van SZW opende op 1 oktober 2008 een speciale website met de regels voor het in dienst nemen van vreemdelingen (www.wetarbeidvreemdelingen.nl). Deze site heeft als doel de werkgever die deze wet moet toepassen te informeren. Dit heeft zich vertaald in een checklist, een praktisch hulpmiddel voor werkgevers om te controleren of hij/zij een tewerkstellingsvergunning moet aanvragenvoor de persoon die hij/zij arbeid wil laten verrichten. De werkgever weet zo beter of hij daarmee voldoet aan de eisten van de Wet arbeid vreemdelingen.
De website is een gemeenschappelijk initiatief van het ministerie van SZW, de Arbeidsinspectie en het UWV WERKbedrijf. |